Winnend verhaal

Kijk hier voor de Winnaar van de Plagiaatwedstrijd (PDF).

Juryrapport

Geachte Dames en Heren,

Toen ik door de redactie van het literaire tijdschrift Op Ruwe Planken werd gevraagd om zitting te nemen in de jury van De Plagiaatwedstrijd, dacht ik dat ik eindelijk eens een gemakkelijk klusje bij de hand had, dat bovendien nog eens héél snel klaar zou zijn. Ik kon me niet voorstellen dat veel mensen serieus de moeite zouden nemen deze onmogelijke opgave uit te gaan voeren. Er zou een verhaal moeten worden samengesteld uit louter bestaande zinnen, en de herkomst van al deze zinnen moest ook nog eens worden verantwoord met een bronnenlijst, om de verleiding tot vals spelen bij voorbaat de kop in te drukken.
Ik dacht, zo zou je het ook kunnen zeggen, dat ik tamelijk alleen stond in mijn gekte. Daar moest ik wel anders over gaan denken toen er een envelop op mijn deurmat viel, bevattende het onwaarschijnlijke aantal van veertig inzendingen!
Het zou dus tóch nog een tijdrovende klus worden.

Samen met de beide andere juryleden, Dennis Gaens (hoofdredacteur van Op Ruwe Planken) en Frank Tazelaar (directeur van de Wintertuin), heb ik de afgelopen weken al dit materiaal grondig bestudeerd.
Ik kan oprecht zeggen dat wij alledrie zeer verrast waren. Allereerst dus door het aantal inzendingen, maar meteen daarna vanwege de consciëntieusheid waarmee de toch niet eenvoudige opdracht is uitgevoerd.
In verreweg de meeste gevallen hebben de deelnemers zich strikt gehouden aan de regels van de wedstrijd. Ze hebben louter bestaande teksten gebruikt en deze traceerbaar verantwoord. Slechts heel af en toe hebben wij kunnen constateren dat er ook eigen tekst is gebruikt om fragmenten ‘aaneen te rijgen’. Bij het beoordelen van een tekst op literaire kwaliteit speelt dat natuurlijk geen enkele rol; in het kader van deze plagiaatwedstrijd echter moet dit als een ‘overtreding’ worden aangemerkt, en zulk een inzending moet dan afvallen.

Interessant vond ikzelf ook de bronvermeldingen, de lijsten van ‘geraadpleegde literatuur’ zoals ik het in mijn eigen boek heb genoemd. In tegenstelling tot mijn lijst trof ik hier maar weinig ‘belegen’ werken aan. Nee, dominant waren juist de recentere uitgaven. Daaronder boeken die bij meerdere inzenders als bron zijn gebruikt. Ik noem bijvoorbeeld Harry Potter, Bridget Jones, Ronald Giphart, Arthur Japin, Dan Brown. Boeken die veel mensen natuurlijk ook in hun boekenkast hebben staan. Verder bleek ook het internet bij sommige schrijvers een favoriete bron. Het grote voordeel daarvan is natuurlijk dat je dan niets hoeft over te schrijven; kopiëren en plakken volstaat.

Maar nu naar de verhalen zelf. Een grote hoeveelheid teksten, zeer divers, die echter toch allemaal iets met elkaar gemeen hebben: het collage-achtige. Een meer of minder fragmentarisch karakter, ruimte voor associaties en gedachtesprongen, en de suggestie van een samenhang. Let wel: niet een samenhang, maar de suggestie van een samenhang. Juist daaraan ontleent naar mijn mening de collagetekst zijn kracht.
Het spelelement speelt ook een belangrijke rol. De schrijver maar ook de lezer zal iemand moeten zijn die houdt van het spel, in dit geval het spelen met taal. Echt spelen is onbaatzuchtig, hoeft niet te leiden naar een bepaald doel. Het plezier van het spelen is het belangrijkste.

De teksten bevestigen dat idee van mij: van bijna allemaal is het plezier in het spel voelbaar. Gelukkig, want een tekst die ontstaan is als een corvee zal een lezer ook niet veel plezier opleveren.

Ieder kunstwerk bezit kwaliteiten die niet gemeten kunnen worden, en zelfs nauwelijks onder woorden worden gebracht. Misschien zijn dat uiteindelijk wel de meest essentiële kwaliteiten. Maar in ieder genre zijn er ook regels te formuleren waaraan een werk min of meer zou moeten voldoen om geslaagd te kunnen zijn. In het collage-procédé zijn die regels er ook.

Volgens mij is een collage geslaagd als er een mooi (bevredigend, verrassend, schokkend) evenwicht is bereikt tussen fragmenten en samenhang. Een lezer die zich over een tekst buigt wil begrijpen of kunnen duiden wat hij leest; hij probeert een samenhang te vinden in hetgeen hem voorgeschoteld wordt. Bij een tekstcollage is dat van speciaal belang, omdat er van een lezer eigenlijk altijd een extra inspanning wordt gevergd: hij zal deze samenhang voor een gedeelte zelf moeten construeren, omdat deze in eerste aanleg eigenlijk niet bestaat. De fragmenten zijn van verschillende herkomst, hebben in feite niets met elkaar te maken, en het is door de volgorde waarin de schrijver de fragmenten heeft gezet én de werkzaamheid van het brein van de lezer, dat de schijn van een samenhang wordt opgeroepen.

Wanneer de inspanning van de lezer om tot een samenhang te komen te groot is ten opzichte van wat dat hem oplevert, dan stelt de collage teleur. De lezer haakt af. Wanneer echter de inspanning hem een bijzondere ervaring schenkt, dan is de collage geslaagd. De moeite die hij moest doen heeft hem ook iets opgeleverd.

Bovenstaande overwegingen hebben mij en de rest van de jury een klein beetje geholpen om tot een beoordeling te komen. Het was niet eenvoudig om een winnaar te kiezen, aangezien er geen van de teksten écht uitschiet. Je zou ook kunnen zeggen dat de overgebleven teksten niet voor elkaar onderdoen.

Toch hebben we unaniem een winnaar gekozen. De tekst van deze literaire dief ademt zoveel enthousiasme uit dat de lezer er niet aan kan ontkomen. Er zijn veel fragmenten gebruikt, maar tegelijk bevat het ook veel concrete actie, iets wat in deze combinatie niet vaak voorkwam. Daarnaast is het een mooi detail dat de meerstemmigheid – die inherent is aan een plagiaatverhaal – tot thema is gemaakt doordat de hoofdpersoon enigszins labiel overkomt.

De winnaar van de Plagiaatwedstrijd is Pascal den Hartog met zijn verhaal Als de werkelijkheid onbegrijpelijk wordt.

Hartelijk gefeliciteerd!

Paul Bogaers