Brief van een Belg aan Frans Bauer

Beste Frans Bauer,

Mocht er een gepaste manier bestaan om u voor al die jaren van onstuitbare liefde te bedanken, ik zou er meteen gebruik van maken. Het gevoel van een allesomvattende liefde is wel het minste wat je kan vertellen over Fransje. Je zegt het zelf zo vaak; ‘Frans houdt van de mensen, Frans houdt van zijn Fens, Frans laat graag de wens van terminale kindjes uitkomen. Frans is nu eenmaal Frans. En er is maar één Frans.’ Als er één iemand zichzelf in derde persoon mag opleuken, dan ben jij het wel. Fransje is de grotesk geschapen mythe, de metamorfose van zanger tot Apollo, God van de muziek en de levensvreugde. In jouw aanwezigheid gaan zelfs kreupelen dansen, zien de blinden oranje van geluk, en worden de oren van de doven toch nog gepenetreerd door je krachtige en geschoolde stem. Maar altijd die bescheidenheid. Alleen daarom moet ik je bedanken.

Dat ben je nu eenmaal voor mij Frans; de Messias voor de thuislozen, de mindervalide, de morsbroekjes, de kankerpatiëntjes. De redder van de werklozen, de truckers en de Vinexvrouwen. De nooit vloekende heilige, de gulle Sinterklaas. We dragen onze bestaansminima af voor een show van Frans, maar krijgen die zeepbel van een niet te vatten innerlijk geluk terug. Je trekt de mongolen op het podium en danst de polonaise met ze. Je gaat met de Fens op de foto en signeert als koning van de lach onze Bauer-T-shirts. We zijn verliefd op je palatale r bij het praten. We lezen je biografie; “de Liefde, het Geluk en het Verdriet” stuk, als een ode aan de lichtzinnigheid. Deze utopie doet dit tranenbestaan smelten. Maar altijd die bescheidenheid. Bovenal ben je het Orakel van de glimlach. Tot aan je oren uitgesneden in het gelaat, vastgeroest en blinkend van zelfredzaamheid. Die glimlach is voor een vermogen van 16 miljoen euro te verzilveren. 100.000 Euro per show en drie polonaises. Boven je gulden snede immer twinkelende pretoogjes; gekscherend Fransje is de God van de 21ste eeuw. Maar altijd die bescheidenheid. Daarvoor wil ik je bedanken.

Uw grootste Fen,
Maarten

Maarten InghelsIn het kader van de op 24 juni te verschijnen bundel van Op Ruwe Planken, met als thema ‘De Belgen komen’, schrijft Maarten Inghels als Belg vier fictieve brieven aan Nederlanders. Maarten is medebezieler van het literaire theatercollectief ‘Collectief Wolf’ dat vele omzwervingen kende met dadaïstische tekstperformances. Publiceerde poëzie in diverse tijdschriften en studeert Nederlands, theater- film- en literatuurwetenschappen aan de Universiteit van Antwerpen. Hij werkt momenteel aan zijn debuutbundel die – als alles goed gaat- in de Sandwichreeks onder redactie van Gerrit Komrij zal verschijnen. Meer Maarten Inghels.